Gepubliceerd op: 15 april 2020

VAPZ of IPT?

Je bent een zelfstandige in een vennootschap. Welke verzekering onderschrijf je het best ‘eerst’? Een VAPZ (Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen) of een IPT (Individuele Pensioentoezegging)? Beide formules hebben specifieke fiscale voordelen. We raden je aan eerst een VAPZ-verzekering af te sluiten en die eventueel aan te vullen door een IPT.

Het VAPZ

Een VAPZ betaalt de zelfstandige doorgaans zelf met persoonlijke bijdragen. 

De maximum jaarlijkse premie is 8,17% (9,40% voor het Sociaal VAPZ) van het geherwaardeerd netto belastbaar beroepsinkomen van 3 jaar terug met een maximum aan premie van 3.256,19 euro (3747,19 euro voor het sociaal VPAZ) per jaar (cijfers inkomstenjaar 2019).

Het fiscaal voordeel van het VAPZ hangt af van de marginale belastingvoet, dat is het tarief dat toegepast wordt op de hoogste schijf van de beroepsinkomsten. Je betaalt ook minder sociale bijdragen omdat de belastbare basis vermindert met de premie die je voor je verzekering VAPZ betaald hebt. Dit betekent dat in sommige gevallen tot bijna 64% van de premie via belastingvoordelen en minder sociale lasten gerecupereerd wordt.

Je kan de premies van je VAPZ ook laten betalen door je vennootschap. Je blijft dan het belastingvoordeel genieten zonder dat je netto-inkomen daalt. De premie wordt wel belast als een voordeel van alle aard.

De IPT

Bij een IPT is het wel degelijk altijd de vennootschap die de premies betaalt.

De vennootschap mag de premies aftrekken als beroepskost in de vennootschapsbelasting op voorwaarde dat de 80%-regel nageleefd wordt en dat je een regelmatige, maandelijkse bezoldiging ontvangt. De 80% regel zegt dat de som van het wettelijk pensioen en de aanvullende pensioenen in de 2e pijler (inclusief VAPZ)  omgerekend naar jaarlijkse rente, niet hoger mag zijn dan 80% van het gemiddeld inkomen van de laatste 3 jaar als zelfstandige.

Bij een VAPZ betaal je geen verzekeringstaksen, bij een IPT 4,4%.

Verschil in fiscaliteit op einddatum

De uitkering gebeurt op het moment van wettelijke pensionering, maar dit betekent dat de exacte leeftijd kan verschillen per persoon. Bij een VAPZ verloopt de eindbelasting via het stelsel van de fictieve rente. Deze rente bedraagt 3,50% à 5% naargelang de leeftijd op het moment van de uitkering van het kapitaal. De rente moet gedurende 10 of 13 jaar in de personenbelasting worden aangegeven.

Bij een IPT is er een belasting van 20% op het kapitaal op 60 jaar, 18% op 61 jaar en 16,5% op de leeftijd van 62 tot 64 jaar. Voor uitkeringen vanaf 65 jaar en als je effectief actief blijft tot die leeftijd, geldt de voordelige taxatie van 10% (zo niet is het 16,5%).

Ben je zelfstandige en heb je geen vennootschap, dan kan je wel een POZ (Pensioenovereenkomst voor Zelfstanden) onderschrijven en dit sinds 30 juni 2018.

Wil je meer bijkomende info over deze aanvullende pensioenverzekeringen, neem dan best contact op met ons kantoor.

Kantoor Vandecasteele

Ezelstraat 82
8000 Brugge
FSMA 023636A
RPR Brugge 0428.566.784

050 35 25 16

info@kantoorvandecasteele.be

Nieuwsbrief